FWG zaken

 

DE ECHOSCOPIST GEWAARDEERD

Uit onderzoek van de Beroepsvereniging Echoscopisten Nederland (BEN) blijkt, dat ziekenhuizen de functie van echoscopist erg divers waarderen. Omdat dit niet strookt met de wijze waarop de functie van echoscopist in het algemeen uitgeoefend wordt, heeft de BEN in samenwerking met De Unie Zorg en Welzijn de functie van echoscopist omschreven. Echoscopisten kunnen deze als leidraad hanteren bij de ontwikkeling of aanpassing van de functiebeschrijving die op hun feitelijke situatie van toepassing is.

Naast de functiebeschrijving van de echoscopist treft u in deze notitie een overzicht aan van aanvullende taken die veel echoscopisten vervullen en, als eerste, informatie over de toepassing van FWG.


 

FWG

Bij de toepassing van FWG worden op basis van een functiebeschrijving de taken en verantwoordelijkheden gewaardeerd die onderdeel zijn van de functie die een functiehouder – in dit geval de echoscopist – uitoefent. Waardering vindt plaats met behulp van normteksten.

Functiebeschrijving

Basis voor de waardering van een functie vormt de functiebeschrijving. Deze moet een volledig overzicht van taken en verantwoordelijkheden van de echoscopist omvatten. Van deze taken en verantwoordelijkheden worden de eisen afgeleid die de uitoefening van de functie aan de echoscopist stelt. Deze functie-eisen worden onder de noemer van zogenaamde gezichtspunten omschreven.

De functiebeschrijving heeft een persoonlijk karakter. Na vaststelling ervan wordt de functie gewaardeerd. Besluitvorming over (aanpassing van de) functiebeschrijving is een verantwoordelijkheid van de werkgever.

Gezichtspunten

De eisen die de functie aan de echoscopist stelt, zijn per gezichtspunt omschreven. Het FWG-systeem onderscheidt de gezichtspunten Kennis, Zelfstandigheid, Sociale vaardigheden, Risico/Verantwoordelijkheden/Invloed, Uitdrukkingsvaardigheid, Bewegingsvaardigheid, Oplettendheid, Overige functie-eisen (volharding/ geduld/ doorzettingsvermogen, systematiek/ordelijkheid/hygiëne, integriteit/betrouwbaarheid, gedrag/voorkomen, gevoel voor menselijk lichaam/materiaal/apparatuur) en Inconveniënten (fysieke belasting, psychische belasting, bezwaarlijke omstandigheden, kans op persoonlijk letsel). In de functiebeschrijving zijn al deze gezichtspunten met de daartoe behorende functie-eisen terug te vinden.

Waardering van de functie

Na vaststelling van de functiebeschrijving vindt waardering van de functie plaats. Per gezichtspunt worden de aan de echoscopist gestelde functie-eisen aan de hand van normteksten gewaardeerd. Het scorepatroon dat hiervan resultaat is, leidt tot een indelingsadvies in een loonschaal. De werkgever beslist over de uiteindelijke indeling van de echoscopist.

De waardering van de functiebeschrijving vindt plaats met behulp van de computerondersteunde versie van FWG 3.0. Dit systeem omvat de normteksten, adviseert over de indeling van de functie en biedt vergelijkingsmateriaal (ijkfuncties) die ondersteunend zijn bij de indeling van een functie. Elke instelling dient de werknemer in de gelegenheid te stellen dit systeem in te zien.

Normteksten

In het FWG-systeem vormen de normteksten de meetlat voor de waardering van functie-eisen. Per gezichtspunt geven zij aan op welke niveaus een bijbehorende functie-eis gewaardeerd kan worden. Deze niveaus worden in het FWG-systeem aangeduid met een letter.

Bij de waardering van een functie worden per gezichtspunt de in de functiebeschrijving opgenomen functie-eisen naast de meetlat van de normteksten gelegd. Als per gezichtspunt de functie-eisen aan de bijbehorende normtekst gekoppeld zijn, ontstaat een scorepatroon van letters. Dit scorepatroon resulteert in het advies om de functie in te delen in een bepaalde FWG-schaal.

IJkfuncties

De waardering van een functie vereist de nodige expertise. Ter ondersteuning is daarom in het FWG-systeem vergelijkings- of referentiemateriaal opgenomen in de vorm van zgn. ijkfuncties. Als een functie gewaardeerd is, kan het bijbehorende scorepatroon vergeleken worden met de ijkfuncties uit het systeem. Nadat een vergelijkbare ijkfunctie is opgezocht, kan per functie-eis bekeken worden of de score al dan niet afwijkt en wat daarvan de reden is.

Bezwaar

De vaststelling van zowel de functiebeschrijving als van de bijbehorende waardering is een zaak van de werkgever. Tegen een dergelijke beslissing kan bezwaar aangetekend worden. Informatie over de bezwarenprocedures is opgenomen in de CAO.

Net zoals dat beslissingen tot vaststelling van de functiebeschrijving en de waardering ervan een verantwoordelijkheid zijn van de werkgever, geldt dit ook voor een besluit tot herindeling van de functiebeschrijving. Hiermee moet rekening gehouden worden wanneer bijvoorbeeld de door de BEN en De Unie Zorg en Welzijn ontwikkelde functiebeschrijving reden geeft tot aanpassing van de functiebeschrijving. Ook informatie over een herindelingprocedure treft u aan in de CAO.

Bezwarenprocedures tegen een besluit van de werkgever kunnen het best langs de formele kanalen ingezet worden. Als eerst overleg plaatsvindt, is het belangrijk afspraken die gemaakt worden te dateren en schriftelijk vast te leggen.

 

Aandachtspunten functiebeschrijving

De definitie van ‘functie’ binnen FWG is: het geheel van actuele taken/werkzaamheden die ten behoeve van de organisatie in een bepaalde organisatorische positie in normale werktijd door een functionaris werkelijk worden verricht. Uit deze definitie is een aantal bijzonderheden te herleiden:

• de functiebeschrijving is gebaseerd op inhoud van de functie die een persoon uitoefent. Ook al werkt de instelling met zogenaamde kapstokfuncties, ook dan is het noodzakelijk dat de taken en verantwoordelijkheden van de individuele functie tot uitdrukking komen;

• de functiebeschrijving verwijst naar de daadwerkelijk uitgevoerde taken, verantwoordelijkheden en bij behorende functie-eisen. De functiebeschrijving gaat dus niet uit van algemene opvattingen over de functie;

• de te waarderen taken en verantwoordelijkheden moeten passen in het actuele, normale functiebeeld. Een periode van ongeveer een jaar is in het algemeen een goede referentieperiode om het begrip actueel te toetsen;

• taken/werkzaamheden moeten bijdragen aan de doelstelling van de organisatie. Werkzaamheden die niet bijdragen aan het organisatiedoel maken geen deel uit van de functiebeschrijving;

• het gaat om de functie zoals die door een normaal vaardige, niet vermoeide, goed opgeleide en gemotiveerde werknemer wordt uitgevoerd onder normale werkomstandigheden. Het gaat niet om de beoordeling van prestaties van de functiehouder;

• waarneming en vervanging worden in de functiebeschrijving opgenomen en gewaardeerd met behulp van FWG als zij een structureel karakter hebben. Het gaat dan wel om de concrete taken en verantwoordelijkheden waarop waarneming en vervanging plaatsvinden;

• incidentele werkzaamheden (zoals projectmatige werkzaamheden, dat wil zeggen eenmalige activiteiten met een duidelijke begin- en einddatum) worden niet via FWG gewaardeerd;

• een onvolledige functiebeschrijving leidt tot een lagere waardering van gezichtspunten en mogelijk tot een indeling in een lagere FWG-schaal.

Bovenstaande uitgangspunten betekenen dat functiegebonden taken gewaardeerd worden, dus de taken die bepalend zijn voor het beeld van de functie, een specifieke deskundigheid vereisen, nuttig en nodig zijn voor de organisatie en regelmatig voorkomen. Ook door een eventuele opvolger zullen ze in de regel verricht worden. Taken die niet rechtstreeks met de doelstelling van de organisatie samenhangen, gevolg zijn van persoonlijke kwaliteiten van een functionaris en min of meer vrijwillig verricht worden dan wel te weigeren zijn, worden niet gewaardeerd. Werkzaamheden voor de ondernemingsraad, het buiten de verantwoordelijkheid van een organisatie lesgeven of het vervullen van eenmalige opdrachten worden niet met behulp van FWG gewaardeerd.


 

Functiebeschrijving echoscopist

De door de BEN beschikbaar gestelde functiebeschrijving van een echoscopist zijn ontwikkeld met inachtneming van de uitgangspunten die gelden bij de toepassing van FWG. Er is rekening gehouden met relevante wetgeving. De functiebeschrijvingen zijn aan elkaar gekoppeld door aan de gangbare functie van echoscopist in een addendum de taken, verantwoordelijkheden en functie-eisen toe te voegen die voortvloeien uit het verrichten van bijzonder echo-onderzoek, waaronder prenatale screening ten behoeve van antenatale diagnostiek, SIS- en GIS- echo’s.

Wetgeving

Relevante wetten bij de ontwikkeling van de functiebeschrijving van de echoscopist zijn de wet Beroepen in de Individuele Gezondheidszorg en de Kwaliteitswet Zorginstellingen.

De wet BIG heeft als doel de bevordering dan wel de bewaking van de individuele gezondheidszorg. De wet stelt het geneeskundig handelen vrij, tenzij het voorbehouden handelingen betreft. Daarvoor stelt de wet BIG voorwaarden.

Conform de wet BIG kan de echoscopist niet beschouwd worden als verlengde arm van gynaecoloog of andere arts, maar is zij een beroepsbeoefenaar die binnen haar deskundigheid zelfstandig opereert. Zij is verantwoordelijk voor de bevordering dan wel bewaking van de kwaliteit van de zorg die zij levert. Afbakening van verantwoordelijkheden en afstemming van werkzaamheden zijn nodig. Tenzij de echoscopist tevens verloskundige is, worden voorbehouden handelingen verricht in opdracht van een arts die daarbij zo nodig richtlijnen verstrekt en de mogelijkheid tot tussenkomst biedt. Gezien de gebleken deskundigheid van de echoscopist – in de praktijk is van richtlijnen of het bieden van een mogelijkheid van tussenkomst geen sprake – is uitgegaan van het feitelijk zelfstandig verrichten van de betreffende handelingen.

Wat dit laatste betreft geldt voor verpleegkundigen overigens zonder meer dat zij zelfstandig bevoegd zijn tot het verrichten van een aantal voorbehouden handelingen. In dat geval gelden geen vereisten ten aanzien van richtlijnen of mogelijkheid van tussenkomst.

Beroepsbeoefenaren die vallen onder artikel 3 van de wet BIG vallen onder het tuchtrecht. Dit betekent, dat echoscopisten die de titel van verloskundige of verpleegkundige voeren tuchtrechtelijk vervolgd kunnen worden. Vervolging kan plaatsvinden als gehandeld of nagelaten wordt in strijd met de zorg die een hulpverlener behoort te betrachten. In het tuchtrecht komt nadrukkelijk tot uitdrukking, dat de beroepsbeoefenaar zelf – en dus niet degene die de verantwoordelijkheid heeft voor bijvoorbeeld de organisatie of protocollen ontwikkelde – verantwoordelijkheid is voor gemaakte fouten.

De Kwaliteitswet Zorginstellingen verplicht de zorginstelling verantwoorde zorg aan te bieden. Dat wil zeggen: de zorg moet voldoen aan de behoefte van de patiënt en doeltreffend, doelmatig en patiëntgericht verleend worden. De wet eist onder meer dat instellingen de kwaliteit van zorg systematisch bewaken, beheersen en verbeteren en verantwoording kunnen afleggen over hun kwaliteitsbeleid. Belangrijk is dat met name kritische momenten in het zorgproces gestroomlijnd worden.

Op basis van deze wetgeving is er in de functiebeschrijving geen sprake van dat de echoscopist functioneel leiding ontvangt van een gynaecoloog of leidinggevende. Wel kan sprake zijn van organisatorische richtlijnen. Maar verder voert de echoscopist conform de wet BIG binnen het deskundigheidsgebied haar functie zelfstandig uit. Zo nodig zijn over terugval op de gynaecoloog bij het verrichten van voorbehouden handelingen wel afspraken gemaakt. Waar nodig stemmen echoscopist en gynaecoloog op basis van hun deskundigheid en om organisatorische redenen wel hun protocollen op elkaar af. Richtlijnen van de NVOG dienen als leidraad voor hun handelen, dus ontslaan de echoscopist niet van de verantwoording om kwalitatief verantwoorde zorg te bieden.

Kern van de functie

In essentie gaat het om het uitvoeren van echoscopisch onderzoek onder verwijzing van een arts, verloskundige of op basis van eigen bevindingen. Op basis van het onderzoek stelt de echoscopist een diagnose die voor de arts onderdeel kan zijn van ‘zijn’ medische diagnose.

Plaats in de organisatie

Bij de bepaling van de plaats in de organisatie zijn definities van belang die binnen FWG gehanteerd worden ten aanzien van leidinggeven (zie voor definities ook het geautomatiseerde FWG-systeem):

Leidinggeven: het richting geven aan/sturen van activiteiten en derhalve verantwoordelijk c.q. aanspreekbaar zijn op het resultaat. Onderscheiden worden hiërarchisch, functioneel en operationeel leidinggeven.

Hiërarchisch leidinggeven: het vanuit een hiërarchische positie leidinggeven aan een organisatorische eenheid, incl. de daarbij behorende personele en financiële positie.

Functioneel leidinggeven: het geven van richtlijnen en aanwijzingen vanuit een verantwoordelijkheid voor specifieke vaktechnische aspecten bij de uitvoering van werkzaamheden, met als doel zorg te dragen voor het op peil blijven, ontwikkelen en juist hanteren van specialistische kennis en vaardigheden.

Operationeel leidinggeven: het aansturen van het werkproces ter realisatie van een bepaald resultaat, met de bevoegdheid om werkopdrachten te geven binnen een daartoe door de hiërarchisch leidinggevende gestelde raamopdracht. Het stellen van prioriteiten, coördineren van de te verrichten activiteiten en bewaken van de voortgang.

Ook van belang zijn definities van richtlijnen en aanwijzingen:

Geven van richtlijnen: het op basis van operationele of functionele bevoegdheid uitvaardigen van voorschriften, procedures, protocollen etc. met betrekking tot de wijze waarop bepaalde werkzaamheden uitgevoerd moeten worden.

Geven van aanwijzingen: het op basis van deskundigheid, operationele of functionele bevoegdheid opdracht geven tot het op bepaalde wijze uitvoeren van werkzaamheden.

Binnen haar deskundigheidsgebied voert de echoscopist haar werkzaamheden zelfstandig uit. De leidinggevende beperkt zich dus tot hiërarchisch leidinggeven. Van functioneel leidinggeven kan geen sprake zijn, omdat de echoscopist zich binnen haar deskundigheidsgebied beweegt. De totstandkoming en het hanteren van richtlijnen of protocollen zijn in inhoudelijke zin een verantwoordelijkheid van de echoscopist, maar wederzijdse afstemming met (o.a.) de gynaecoloog is vanwege de samenwerkingsrelaties in de praktijk nodig.

Contacten

Het gaat om de interne en externe contacten die de echoscopist onderhoudt. Het kan informatief zijn om ook de aard en frequentie van contacten aan te geven, maar die informatie komt in dit geval in de functiebeschrijving voldoende tot uitdrukking.

Taken en verantwoordelijkheden in hoofdlijnen

Vanzelfsprekend is het een vereiste dat dit overzicht compleet is. Van taken en verantwoordelijkheden worden immers de functie-eisen en dus de waardering van de functie afgeleid.

Uitwerking in activiteiten

De uitwerking moet een volwaardig beeld geven van de feitelijke, actuele taken en verantwoordelijkheden. Begrippen die (mede op grond daarvan) in deze paragraaf gehanteerd worden, worden hieronder toegelicht.

Verwijzing: De echoscopist verricht onderzoek op basis van verwijzing door een arts of verloskundige. Een verwijzing impliceert dat bij een aanvraag voor onderzoek de voor dit onderzoek relevante diagnostische gegevens verstrekt worden. Net zoals dat de echoscopist de arts of verloskundige de voor hem/haar relevante diagnostische gegevens verstrekt die resultaat zijn van het echoscopisch onderzoek.

Overigens is voor het verrichten van voorbehouden handelingen een opdracht nodig van een arts of verloskundige. Zoals eerder genoemd biedt de opdrachtgever hierbij zo nodig richtlijnen en de mogelijkheid van tussenkomst. Gezien de praktijk wordt er in de functiebeschrijving van uitgegaan, dat die noodzaak er in de praktijk niet is.

Richtlijnen NVOG: Deze hanteert de echoscopist als hoofdlijn voor haar werkzaamheden. Deze richtlijnen kan de echoscopist niet negeren – men dient te handelen zoals van een gemiddelde beroepsbeoefenaar verwacht mag worden. De toepassing van de richtlijnen ontslaat de echoscopist echter niet van haar verantwoordelijkheid om goede zorg te verlenen.

Protocol: De ontwikkeling en toepassing van protocollen is een zaak van de echoscopist zelf, ook als de instelling als beleid hanteert dat protocollen volgens bepaalde richtlijnen en procedures opgesteld moeten worden. Kritische beroepssituaties waarbij afstemming met de gynaecoloog nodig is, kan onderlinge afstemming van protocollen vereisen.

Diagnose: Diagnosticeren is binnen FWG gedefinieerd als ‘het verzamelen en analyseren van gegevens teneinde de aard van een ziekte, stoornis of probleemsituatie vast te stellen’. Terecht is in deze functiebeschrijving dan ook sprake van het stellen van een diagnose door de echoscopist. Het behoort tot de werkzaamheden van de echoscopist die diagnose aan de patiënt mee te delen.

Toelichting op gezichtspunten

Per gezichtspunt zijn de taken en verantwoordelijkheden van de echoscopist vertaald naar functie-eisen. Er is rekening gehouden met de verschillende aspecten die in samenhang het betreffende gezichtspunt vorm en inhoud geven. Per gezichtspunt volgt hier zo nodig een aantal opmerkingen:

Kennis: Van belang zijn hier de combinatie van een brede en (een) specialistische opleiding(-en), alsook de eis dat de echoscopist zelf verantwoordelijk is voor de bewaking en bevordering van de kwaliteit van de zorg die zij levert. Dit laatste vertaalt zich in de eis om het vakgebied (inclusief Engelstalige vakliteratuur) bij te houden. Kennis is nodig om zich zelden voordoende aandoeningen te kunnen diagnosticeren. Kennis van minstens één ander relevant vakgebied – gynaecogie – is nodig.

Zelfstandigheid: De verwijzing van de arts, de vertaling van richtlijnen van de NVOG, de verantwoordelijkheid ten aanzien van de ontwikkeling en het hanteren van protocollen en – gezien de afstand tot de leidinggevende – de zelfstandigheid waarmee de echoscopist haar functie (ook) in organisatorisch opzicht invulling geeft, laat zich vertalen in het uitvoeren van de functie naar hoofdlijnen.

Sociale vaardigheden: De echoscopist voert voor de patiënt erg belastende onderzoeken uit. Behalve dat het diagnosticeren in specifieke situaties tot het deskundigheidsgebied van de echoscopist behoort, is het gezien de aard van het onderzoek – de patiënt kijkt mee – onvermijdelijk de patiënt te informeren over de bevindingen ervan en de patiënt bij slecht nieuws op te vangen.

Risico’s hebben betrekking op de kans op (materiële en immateriële) verantwoordelijkheden; schade die uit de (normale) vervulling van de functie kan voortvloeien. Het verwijst zo onder meer naar de kans op persoonlijk letsel die aan derden toegebracht kan worden. Onder dit gezichtspunt is verder relevant dat de echoscopist het opleidingsbudget wel, maar het afdelingsbudget niet beheert; als enige in staat is inhoudelijk te adviseren over de aanschaf van apparatuur; nieuwe methoden en technieken vorm en inhoud kan geven en verantwoordelijk is voor de beoordeling van werknemers die het ziekenhuis opleidt tot echoscopist.

Uitdrukkingsvaardigheid: In de functiebeschrijving is goed tot uitdrukking gebracht voor welke taken en verantwoordelijkheden schriftelijke en mondelinge uitdrukkingsvaardigheid nodig zijn. Als slechts incidenteel een patiënt in het Engels (of andere vreemde taal) te woord gestaan wordt, komt dit niet in de functiebeschrijving tot uitdrukking. De echoscopist ontwikkelt zelf beeldmateriaal ten behoeve van diagnosticering en gebruikt dit voor informatievoorziening aan derden.

Bewegingsvaardigheid: Onderzoek en diagnostiek vereisen een grote snelheid, nauwkeurigheid en combinaties van (minder eenduidige) bewegingen, waarbij afhankelijk van de dikte van weefsel bovendien een forse krachtsuitoefening vereist kan zijn. Het beheersen van complexe bewegingspatronen die met een zekere mate van automatisme uitgevoerd moeten kunnen worden, vergt langdurende scholing.

Oplettendheid: Onderzoek en diagnostiek vergen een grote mate van concentratie en aandacht, waarbij tijdens de achtereenvolgende onderzoeken in een weinig uitdagende omgeving op veel punten gelijktijdig gelet moet worden. De echoscopist wordt in haar werkzaamheden regelmatig gestoord, bijvoorbeeld in geval van spoedaanvragen. Een onjuiste diagnose, ook in kritische situaties, kan leiden tot foutieve ingrepen en is voor de patiënt dus zeer ingrijpend.

Overige functie-eisen: Onder meer is hier van belang dat de echoscopist op basis van soms langdurend onderzoek een – soms complexe – diagnose stelt, zij het onderzoek zelfstandig opzet en uitvoert, toegang heeft tot informatie over alle patiënten die via de poli behandeld worden, min of meer intensieve contacten onderhoudt met externen zoals met de opleiding en leveranciers en op basis van laatstgenoemde contacten adviseert over de aanschaf van apparatuur. Tenslotte verricht zij in- en uitwendig onderzoek met behulp van erg gevoelige apparatuur.

Inconveniënten: Wat betreft de fysieke belasting en de kans op aandoeningen aan nek, schouder en arm kan op grond van divers onderzoek gesteld worden, dat die groot zijn. Die kans hangt in belangrijke mate samen met de houding, de duur en krachtsinspanning die met het onderzoek gepaard gaan. De kans op aandoeningen wordt enigszins beperkt door ergonomische maatregelen, maar deze nemen de fysieke belasting en de kans op persoonlijk letsel zeker niet weg.

Klik op de link voor de PDF versie van de FWG van de echoscopist.

webworks by multimove